Google heeft de opvolger van de Fitbit Charge 6 eindelijk aangekondigd, en het is meteen duidelijk dat er flink is nagedacht over wat mensen echt willen van een activity tracker. De Fitbit Edge kost 179,99 dollar, krijgt een kleurenscherm dat 46 procent groter is dan dat van zijn voorganger en moet het op 27 oktober in de winkels liggen. Maar het interessantste nieuws zit niet in wat erbij komt. Het zit in wat Google heeft weggelaten. TechCrunch omschrijft de Edge als het nieuwe middenmoot-apparaat tussen de simpele Fitbit Air en de volwaardige Pixel Watch.
Een scherm dat eindelijk meetelt
De Charge 6 had een scherm, maar je moest echt moeite doen om er iets van te zien bij zonlicht. De Edge krijgt een 1,34 inch always-on AMOLED-display met instelbare helderheid, verwerkt in een aluminium behuizing van nog geen 18 gram. Daarmee schuift het toestel dichter naar een smartwatch op, zonder dat het er een wordt. Google plaatst de Edge bewust tussen de simpele, schermloze Fitbit Air en de volwaardige Pixel Watch 5 in.
Dat tussensegment was lang een gat in het aanbod. Wie geen zin had in een smartwatch maar meer wilde dan alleen stappen tellen, moest uitwijken naar concurrenten. Met de Edge geeft Google die groep eindelijk een eigen toestel, mét een fysieke knop aan de zijkant voor snelle bediening tijdens het sporten.
7 dagen batterij, en een accu die je zelf kunt vervangen
Google claimt tot zeven dagen gebruik op een volle lading, met always-on display uitgeschakeld. Met het scherm continu aan zakt dat naar ongeveer twee dagen, wat voor een kleurendisplay van dit formaat nog altijd prima is. Opvallender is dat de 65 mAh-batterij door de gebruiker zelf te vervangen is. Dat is zeldzaam in een categorie waar toestellen vaak na drie jaar bij de batterij-slijtage hun langste tijd hebben gehad.
De sensoren zijn niet mis voor dit prijssegment: rode en infrarode sensoren voor zuurstofmeting, elektroden voor een ECG-app, een hartslagsensor en een huidtemperatuursensor. Daarbovenop komt ondersteuning voor meer dan vijftig sportmodi met automatische activiteitsherkenning en gps, zodat je niet meer afhankelijk bent van je telefoon tijdens het hardlopen of fietsen.
Waarom er geen NFC in zit
Hier wordt het interessant. De Edge heeft geen NFC-chip, wat betekent dat je er niet mee kunt pinnen. Ook de EDA-sensor, die stressniveaus via huidgeleiding meet, is geschrapt ten opzichte van eerdere geruchten. Voor een toestel van 180 dollar dat zich positioneert als volwaardige opvolger van de Charge-lijn is dat een bewuste keuze, geen bezuiniging bij toeval.
Google lijkt de Edge strak te positioneren als gezondheids- en sporttracker, niet als mini-smartwatch met betaalfunctie. Wie contactloos wil betalen vanaf zijn pols moet dus naar de Pixel Watch 5 kijken. Dat is een duidelijker productonderscheid dan Google de afgelopen jaren liet zien, en het scheelt ook in prijs: de Edge is flink goedkoper dan een volwaardige smartwatch.
Wat je ermee kunt zonder Pixel Watch te kopen
Net als bij slimmere wearables draait een groot deel van de meerwaarde om de software. De Edge werkt samen met de Google Health-app en vereist een Google-account, en is compatibel met Android 11 en nieuwer, en iOS 16.4 en nieuwer. Dat laatste is relevant: in tegenstelling tot de Pixel Watch werkt dit toestel dus ook prima naast een iPhone.
Sommige geavanceerdere functies, zoals AI-gestuurde trainingsbegeleiding via Google Health Coach, vallen onder een Google Health Premium-abonnement. De eerste drie maanden daarvan zitten bij de aankoop in, wat voor veel kopers genoeg tijd is om te bepalen of ze er daadwerkelijk voor willen blijven betalen. Wie liever helemaal geen scherm om zijn pols wil, kan ook kijken naar ons artikel over smart rings, die dezelfde gezondheidsdata verzamelen maar dan onopvallend aan je vinger.
Hoe de Edge zich verhoudt tot de rest van Googles aanbod
Google bouwt inmiddels aan een duidelijkere piramide in wearables: de Fitbit Air onderaan zonder scherm, de Edge in het midden met scherm en gps maar zonder smartwatch-functies, en de Pixel Watch 5 aan de top met Wear OS en volledige app-ondersteuning. Dat is een logischer opzet dan de wirwar aan Fitbit-modellen van een paar jaar terug, toen Charge, Versa, Sense en Inspire allemaal naast elkaar bestonden met onduidelijke verschillen.
De timing is ook geen toeval. Google kondigde kort daarvoor de Pixel 11 aan, en het bedrijf lijkt zijn hardware-aanbod bewust op elkaar af te stemmen rond één gezondheids- en fitnessecosysteem. Wie al een Pixel-telefoon heeft, krijgt zo een vanzelfsprekende volgende aankoop aangeboden zonder meteen de stap naar een duurdere smartwatch te moeten maken.
Is dit de tracker die je moet kopen?
Voor wie een Charge 6 heeft en toe is aan iets nieuws, is dit een logische upgrade: groter scherm, langere batterijduur bij normaal gebruik, en een vervangbare accu die het toestel langer bruikbaar maakt. Voor wie twijfelt tussen een tracker en een smartwatch, maakt Google de keuze nu simpeler. Wil je kunnen pinnen vanaf je pols of apps installeren, dan is de Pixel Watch 5 de betere keuze. Wil je vooral weten hoe je slaapt, hoe je sport en hoe je lichaam ervoor staat, zonder voortdurend op te laden, dan is de Edge het logischere apparaat.
Wat zeker is: met 50-plus sportmodi, een scherm dat eindelijk bij daglicht leesbaar is en een accu die niet na drie jaar het toestel waardeloos maakt, is dit de meest volwassen Fitbit tot nu toe. Vanaf 27 oktober weet je of de praktijk de specificaties kan bijbenen.